26.7.08

Ik schreef de vorige keer dat ik de kans niet erg hoog inschatte of het wat zou worden met het huis in Oostenrijk. Ik kreeg gelijk; het werd inderdaad niks. Maar om welke reden, dat had ik nooit van tevoren kunnen bedenken.
Het huis zelf, daar was namelijk niet eens zo gek veel mee mis. Eigenlijk was (is) het een prachtig huis. Groot, en ooit met veel aandacht voor detail neergezet. En ik had verrote kozijnen of een uitgeleefd interieur verwacht of zo. Niks van dat alles. De kozijnen konden een verfje gebruiken, maar dan had je het wel gehad. En binnen was het netjes. Beetje gedateerd, maar prachtige binnendeuren - allemaal rond van boven - massief hout met hier en daar houtsnijwerk. Alle ramen op de begane grond waren voorzien van smeedijzeren traliewerk, hier en daar zelfs prachtig uitgevoerd. Maatwerk, dat was duidelijk te zien.
Het huis was compleet ommuurd, en bij de ingang had de muur een prachtig smeedijzeren hek, met van die torentjes er naast.
Door de afmetingen en die details (drie open haarden), en niet te vergeten het fraaie uitzicht, kreeg je ontzag voor het huis.
Maar toch was het niet een huis waar je je gelijk prettig in voelt. Er was tijdens de bezichtiging niet één ruimte waar ik me in een leunstoel zag zitten.
Na de bezichtiging was ik zo overweldigd door de indrukken dat ik er eens goed over na moest denken.
En dat heb ik gedaan. Het huis heeft me heel lang daarna nog intensief bezig gehouden, en ik ben er nog niet helemaal los van. Maar ik ben er wel klaar mee. Pas na uren en uren piekeren, voornamelijk boven de plattegronden, begreep ik wat er mis was met het huis. Het was niet gezellig. En het was ook onmogelijk gezellig te maken. En ik had vooraf niet voor mogelijk gehouden dat die conclusie ook bestond. Ik dacht dat je ieder huis wel zodanig naar je hand zou kunnen zetten dat je je daarin goed zou voelen. Maar ik weet inmiddels vrij zeker dat dat met dit huis niet het geval is.
Een fundamenteel onlogische indeling, daar is niks aan te doen.
Dat begon al bij de ingang. Logisch zou zijn dat je met het openen van het hek, in ieder geval de voordeur in het zich zou hebben. Not. De voordeur zit aan de 'achterkant', waardoor je om het hele (grote) huis moet heenlopen om bij de voordeur te komen. Dan moet je daarvoor ook nog eens vijf treden op. Bah. Nooit even snel naar buiten. Op de begane grond idem; geen grote openslaande deuren, maar een klein deurtje met ook nog eens tralies ervoor, dat buiten leidt naar een richeltje van een terras (eigenlijk de naam 'terras' niet waard).
Binnen was het ook allemaal zo onlogisch. Trap niet bij de voordeur, maar ergens halverwege. VIJF 'woonkamers' en geen daarvan was voor een andere functie (je wilt juist meer slaapkamers) in te zetten, bijvoorbeeld dankzij de aanwezigheid van de open haarden (weer zonde om te slopen).
Uren heb ik zitten turen naar die plattegronden. Eén optie heb ik niet echt overwogen; alle binnenmuren eruit en opnieuw beginnen. Dat doe je niet, omdat er dan veel te veel moois (al die prachtige binnendeuren) verloren zou gaan.

Maar met die stikongezellige indeling is gewoon niets te beginnen. Het zal altijd een beetje een kil en donker hok blijven.
Dat heeft lang een beetje vreemd aangevoeld. Je ziet een prachtig huis, op een redelijk mooie plek, voor niet zo veel geld (ik vind 150K voor zoiets een schijntje), zelfs in redelijke staat, maar toch zie je geen kans om het naar jouw hand te zetten...
Heel gek. Maar wel realiteit.